Stralend en onverwelkbaar is de wijsheid en zij wordt gemakkelijk ontdekt door wie haar liefhebben en gevonden door wie haar zoeken. Aan wie haar begeren laat zij zich aanstonds kennen. Wie vroeg voor haar opstaat, hoeft zich niet moe te maken, want hij vindt haar zitten aan zijn deur. Want zijn gedachten op haar richten getuigt van een volmaakt inzicht en wie om haar wakker blijft zal spoedig geen moeilijkheden meer hebben. Want zij gaat zelf rond, zoekend naar mensen die haar waardig zijn en op de wegen vertoont zij zich minzaam aan hen en komt hun tegemoet bij iedere gedachte.
God, mijn God, zijt Gij, ik zoek U met groot verlangen. Naar U dorst mijn ziel en hunkert mijn hart als dorre akkers naar regen. Zo zie ik omhoog naar de plaats waar Gij woont, beschouw ik uw macht en uw glorie. Meer waard dan het leven is mij uw genade, mijn mond verkondigt uw lof. Ik zal U prijzen zolang ik leef, mijn handen uitstrekken naar U. Mijn ziel wordt verzadigd met voedzame spijs, mijn mond zal U jubelend danken. Nog op mijn legerstede moet ik aan U denken, En in mijn nachtwaken over U peinzen. Want Gij zijt altijd mijn beschermer geweest, ik koester mij onder uw vleugels.
Broeders, wij willen u niet in onwetendheid laten over het lot van hen die ontslapen zijn; gij moogt niet bedroefd zijn zoals de andere mensen, die geen hoop hebben. Wij geloven immers dat Jezus is gestorven en weer opgestaan; evenzo zal God hen die in Jezus zijn ontslapen levend met Hem meevoeren. En dit kunnen wij u meedelen volgens een woord van de Heer: wij die in leven blijven tot de komst van de Heer, wij zullen de doden in geen geval voorgaan. Want wanneer het bevel gegeven wordt, als de stem van de aartsengel weerklinkt en de bazuin van God, dan zal de Heer zelf van de hemel neerdalen, en eerst zullen de doden die in Christus zijn verrijzen; daarna zullen wij die nog in leven zijn tegelijk met hen in een oogwenk op de wolken in de lucht worden weggevoerd, de Heer tegemoet. En zo zullen wij voor altijd samen zijn met de Heer. Troost elkander dan met deze woorden.
In die tijd vertelde Jezus zijn leerlingen deze gelijkenis: Het is met Rijk der hemelen als met tien meisjes die met hun lampen uittrokken, de bruidegom tegemoet. Vijf van hen waren dom, de andere vijf verstandig. Want de domme namen wel hun lampen mee, maar geen olie; de verstandige echter namen met hun lampen tevens kruiken olie mee. Toen nu de bruidegom op zich liet wachten, dommelden zij allen in en sliepen. Maar midden in de nacht klonk er geroep: Daar is de bruidegom! Trekt hem tegemoet! Meteen waren al de meisjes wakker en maakten hun lampen in orde. De domme zeiden tegen de verstandige: Geeft ons wat olie, want onze lampen gaan uit. Maar de verstandige antwoordden: Neen, er mocht eens niet genoeg zijn voor ons en jullie samen. Gaat liever naar de verkopers en haalt wat voor jezelf. Maar terwijl zij onderweg waren om te gaan kopen kwam de bruidegom, en die klaar stonden, traden met hem binnen om bruiloft te vieren; en de deur ging op slot. Later kwamen ook de andere meisjes en zeiden: Heer, heer, doe open! Maar hij antwoorde: Voorwaar, Ik zeg u: Ik ken u niet. Weest dus waakzaam, want gij kent dag noch uur.
O stabiele, krachtige en altijd overwinnende Liefde, dat jouw werkzaamheid mij leert om Jezus te beminnen met een onoverwinnelijke standvastigheid en om Hem te dienen met onwankelbare volharding. Maak mij wakker, schud mij door elkaar, opdat ik altijd klaar sta wanneer mijn Heer zal komen, bij de eerste of tweede wake; en dat ik niet treuzel of ingeslapen ben, wanneer de roep zich laat horen op het midnachtelijke uur; maar dat ik door jouw hulp, jouw leiding en op jouw waardige wijze de bruiloft met het Lam binnenga. En wees mij dan genadig, maak dat mijn lamp vol met olie van naastenliefde gevonden wordt (Mt 25,4), vol van brandende liefde, vol met schitterend licht van werken van een levend geloof, opdat ik door jou in het bezit kom van de verrukkingen van het eeuwige leven. Mijn zeer zachtmoedige Jezus, vóór alles geliefde Bruidegom, wek nu mijn dommelende geest voor Jou; geef mij door Jouw dood weer een leven dat alleen voor Jou leeft. Geef me een levenswandel dat waardig antwoord geeft op de prijs van jouw bloed. Geef me een geest die Jou smaakt, een zintuig dat Jou voelt, een ziel die Jouw wil begrijpt, kracht die jouw verlangens vervult, en de stabiliteit die volhardt met Jou. En wees mij genadig, op het uur van mijn dood, open voor mij zonder vertraging de deur van jouw zeer liefdevolle hart, zodat ik ongehinderd het bruidsvertrek van jouw levende liefde, binnen mag gaan, waar ik zal genieten van Jou en waar ik Jou zal bezitten, o Jij, de ware vreugde van mijn hart. Amen.