Lezingen van de Dag

DAGELIJKS EVANGELIE Ontvang iedere morgen de dagelijkse lezingen via email ! Katholieke, meertalige, gratis service.

  • Vrijdag 22 Mei : Uit de Handelingen der apostelen 25,13b-21.
    on 22 mei 2026 at 09:13

    In die dagen kwamen koning Agrippa en zijn zuster Bernike in Caesarea en maakten hun opwachting bij de landvoogd Festus. Tijdens hun verblijf aldaar, dat ver­scheidene dagen duurde, legde Festus het geval van Paulus aan de koning voor met de woorden: 'Felix heeft hier een gevangene achtergelaten tegen wie de hogepriesters en de oudsten van de Joden, toen ik in Jeruzalem was, een aanklacht hebben ingediend, met het verzoek hem te veroordelen. Ik heb hun te verstaan gegeven, dat de Romeinen niet gewoon zijn iemand bij wijze van gunst uit te leveren, voordat de beklaagde tegenover zijn beschuldi­gers heeft gestaan en gelegenheid heeft zich tegen de aanklacht te verdedigen. Zij kwamen dus hier heen en zonder uitstel heb ik de volgende dag rechtszitting gehouden en de man laten voorleiden. Toen de aanklagers om hem heen stonden, brachten zij geen enkele beschuldiging in van misdaden waar ik op gerekend had. Wel hadden zij bepaalde kwesties tegen hem op het gebied van hun eigen godsdienst en over een zekere Jezus die dood is, maar van wie Paulus beweerde, dat Hij leeft. Omdat ik met het onderzoek van die dingen geen weg wist, heb ik gevraagd of hij naar Jeruzalem wilde gaan om daar in deze zaak terecht te staan. Maar Paulus is in hoge beroep gegaan en wilde daarom tot de uitspraak van Zijne Majesteit in bewaring gehouden worden. Daarom heb ik bevel gegeven hem in hechtenis te houden, totdat ik hem naar de keizer kan zenden.'

  • Vrijdag 22 Mei : Psalmen 103(102),1-2.11-12.19-20ab.
    on 22 mei 2026 at 09:13

    Verheerlijk, mijn ziel, de Heer, zijn heilige Naam uit het diepst van uw wezen. Verheerlijk, mijn ziel, de Heer, vergeet zijn weldaden niet. Zo wijd als de hemel de aarde omspant, zo alomvattend is zijn erbarmen. Zo ver als de afstand van oost tot west, zo ver verdrijft Hij van ons de zonde De Heer heeft zijn troon in de hemel gevestigd, Hij voert heerschappij over heel het heelal. Verheerlijkt de Heer, al zijn hemelse boden, machtige uitvoerders van zijn bevel.

  • Vrijdag 22 Mei : Uit het heilig Evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Johannes 21,15-19.
    on 22 mei 2026 at 09:13

    Toen Jezus verschenen was aan zijn leerlingen zei Hij na het ontbijt tot Simon Petrus: 'Simon, zoon van Johannes, hebt ge Mij meer lief dan dezen?' Hij antwoord­de: 'Ja Heer, Gij weet, dat ik U bemin.' Jezus zei hem: 'Weid mijn lammeren.' Nog een tweede maal zei Hij tot hem: 'Simon, zoon van Johannes, hebt ge Mij lief? ', waarop deze antwoordde: 'Ja Heer, Gij weet dat ik U bemin.' Jezus hernam: 'Hoed mijn schapen.' Voor de derde maal vroeg Hij: 'Simon, zoon van Johannes, hebt ge Mij lief?' Nu werd Petrus bedroefd, omdat Hij hem voor de derde maal vroeg: 'Hebt ge Mij lief?' en hij zeide Hem: 'Heer, Gij weet alles: Gij weet dat ik U liefheb.' Daarna zei Jezus hem: 'Weid mijn schapen. Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: toen ge jong waart, deed ge zelf uw gordel om en ging waarheen ge wilde, maar wanneer ge oud zult zijn, zult ge uw handen uitstrekken, een ander zal u omgorden en u brengen waarheen ge niet wilt.' Hiermee zinspeel­de Hij op de dood waardoor hij God zou verheerlij­ken. En na deze woorden zei Hij hem: 'Volg Mij.'

  • Vrijdag 22 Mei : H. Charles de Foucauld
    on 22 mei 2026 at 09:13

    Laten wij zo verenigd zijn met alle mensen door de broederlijke liefde, door de liefde waarmee wij in hen de ledematen van Jezus liefhebben, waarmee wij in hen het lichaam van Jezus liefhebben, dat wij één met hen zijn, zoals de Vader en de Zoon één zijn door een wederzijdse liefde; want zij zijn op twee manieren één: door de goddelijke natuur die zij gemeen hebben – en zo wil Jezus niet dat wij één zijn met alle mensen… – en door hun wederzijdse liefde, en op deze wijze kunnen en moeten wij één zijn met alle mensen zoals de Zoon en de Vader één zijn… Laten wij in alle mensen zijn door onze liefde, zoals de Vader in de Zoon is door zijn liefde voor Hem en zoals de Zoon in de Vader is door zijn liefde voor Hem: want wanneer men iemand liefheeft, is men werkelijk in hem; men is in hem door de liefde, men leeft in hem door de liefde; men leeft niet meer in zichzelf, want men is niet meer aan zichzelf gehecht, men heeft zich losgemaakt van zichzelf. (…) Wij moeten alle mensen liefhebben omwille van God, zózeer dat wij één met hen worden, ten eerste omdat God het ons gebiedt en ons het voorbeeld geeft van een vurige liefde voor hen, en ook om andere gewichtige redenen die voortkomen uit de liefde tot God, maar vooral (…) omdat alle mensen, op een of andere wijze, ledematen van Jezus zijn, hetzij nabij, hetzij ver verwijderd van zijn Mystiek Lichaam; en bijgevolg, door hen lief te hebben, door één met hen te worden, door in hen te leven door onze liefde, beminnen wij iets van Jezus, worden wij één met een deel van Jezus, en leven wij door onze liefde in de ledematen van Jezus, in het lichaam van Jezus, in Jezus.

  • Donderdag 21 Mei : Uit de Handelingen der apostelen 22,30.23,6-11.
    on 22 mei 2026 at 09:13

    In die dagen wilde de bevelhebbers nauwkeurig weten waarvan Paulus door de Joden beschul­digd werd. Hij liet hem daarom uit de gevangenis halen en gaf bevel, dat de hogepriesters en heel het Sanhedrin zouden bijeenko­men. Daarna liet hij Paulus erheen brengen en voor hen plaats nemen.   Wetend dat het Sanhedrin ten dele uit Sadduceeën en ten dele uit Farizeeën bestond, riep Paulus, nu in het Sanhe­drin uit: 'Mannen broeders, ik ben een Farizeeën een zoon van Farizeeën. Om de verwachting en de opstan­ding der doden sta ik terecht.' Toen hij dit gezegd had ontstond er twist tussen de Farizeeën en Sadduceeën en de vergadering raakte ver­deeld. De Sadduceeën houden immers dat er geen opstan­ding is en dat er geen engelen of geesten bestaan, terwijl de Farizee­ën beide aannemen. Zo ontstond er groot tumult en enige schriftgeleer­den van de partij der Farizeeën verze­kerden met grote heftig­heid: 'We vinden niets verkeerds in deze man! Als er eens een geest of een engel tot hem gesproken heeft?' Daar de onenigheid nog erger werd en de bevel­hebber begon te vrezen dat zij Paulus zouden verscheuren, gelastte hij de soldaten naar beneden te komen om hem haastig uit hun midden weg te halen en naar de kazerne te brengen. In de volgen­de nacht stond de Heer voor hem en sprak: 'Houd goede moed; want zoals gij voor mijn zaak getuigd hebt in Jeruzalem, zo zult ge het ook in Rome moeten doen.'