Lezingen van de Dag

DAGELIJKS EVANGELIE Ontvang iedere morgen de dagelijkse lezingen via email ! Katholieke, meertalige, gratis service.

  • Woensdag 28 Januari : Uit het 2e boek Samuël 7,4-17.
    on 27 januari 2026 at 21:42

    In die dagen werd het woord van de Heer gericht tot de profeet Natan: ‘Zeg tegen mijn dienaar, tegen David: “Dit zegt de Heer: Wil jij voor mij een huis bouwen om in te wonen? Ik heb nooit in een huis gewoond, sinds de tijd dat Ik de Israëlieten uit Egypte heb geleid tot vandaag toe; steeds ben Ik meegetrokken in een tent, waar Ik in verbleef. Zolang Ik met de Israëlieten meetrok, heb Ik nooit aan iemand gevraagd: Waarom bouwt gij Mij niet een huis van cederhout? Aan geen van de stammen van Israël, die Ik had aangesteld om mijn volk te hoeden. Zeg daarom aan mijn dienaar David: Zo spreekt God, de Heer van de hemelse machten: Ik heb u uit de steppe gehaald, achter de schapen vandaan, om vorst te zijn over mijn volk Israël. Op al uw tochten heb Ik u bijgestaan, al uw vijanden heb Ik vernietigd, uw naam heb Ik groot gemaakt als die van de groten der aarde. Ik heb mijn volk Israël een gebied gegeven en het daar geplant om er te wonen. Het wordt niet meer opgeschrikt en door geen boosdoeners verdrukt, zoals vroeger, in de tijd dat Ik over Israël, mijn volk, rechters had aangesteld. Ik heb gezorgd dat al uw vijanden u met rust laten. De Heer kondigt u aan dat Hij voor u een huis zal oprichten. Als uw dagen voleind zijn en gij bij uw vaderen rust, zal Ik de nazaat, die gij verwekt, hoog verheffen en zijn koninklijke macht in stand houden. Hij zal een huis bouwen ter ere van mijn Naam en Ik zal zijn koninklijke troon voor altijd in stand houden. Ik zal hem tot vader zijn en hij zal mijn zoon zijn. Als hij de verkeerde weg opgaat, zal Ik hem kastijden met slagen en striemen, even goed als andere mensen. Maar nooit zal Ik hem uit mijn gunst verstoten, zoals Ik gedaan heb met Saul, die Ik verstoten heb om plaats te maken voor u. Zo zal uw huis en uw koninklijke macht altijd standhouden; uw troon staat vast voor eeuwig.” Al deze woorden, heel dit visioen, bracht Natan over aan David.

  • Woensdag 28 Januari : Psalmen 89(88),4-5.27-28.29-30.
    on 27 januari 2026 at 21:42

    Ik heb met David een verbond gesloten, mijn uitverkoren dienaar met een eed beloofd: Ik zal uw nageslacht in stand houden voor eeuwig, in alle tijden blijft uw troon bestaan. Hij zal Mij aanroepen: Gij zijt mijn Vader, mijn God, de steenrots van mijn heil. Ik wijs hem aan als eerstgeborene, als hoogste van koningen der aarde. Voor altijd kan hij rekenen op mijn genade, voor immer blijft mijn bond met hem van kracht Ik zal aan zijn geslacht geen einde maken, noch aan zijn troon, zolang de hemel dagen heeft.

  • Woensdag 28 Januari : Uit het heilig Evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Marcus 4,1-20.
    on 27 januari 2026 at 21:42

    In die tijd begon Jezus te leren aan de oever van het meer. Zeer veel volk verzamelde zich bij Hem, zodat Hij in een boot die op het water lag moest stappen, om daar plaats te nemen, terwijl al het volk zich langs het meer op het land bevond. Hij leerde hun vele dingen door middel van gelijkenis­sen, en in zijn onderricht zei Hij tot hen: 'Luistert. Eens ging een zaaier uit om te zaaien. Toen hij aan het zaaien was, viel een gedeelte op de weg en de vogels kwamen het opeten. Een ander gedeelte viel op de rotsachtige plekken waar het niet veel aarde had; het schoot snel op, omdat het in ondiepe grond lag. Maar toen de zon was opgekomen, kreeg het te lijden van de hitte, zodat het verdorde bij gebrek aan wortel. Weer een ander gedeelte viel onder de distels en deze schoten op zodat het verstikte en geen vrucht opleverde. Een ander gedeelte tenslotte viel op goede grond en doordat het opschoot en zich ontwikkelde, leverde het vrucht op en bracht het dertig ‑, zestig ‑, en honderd­voudige voort.' En hij voegde er aan toe: 'Wie oren heeft om te horen, hij luistere.' Toen Hij weer alleen was, stelde zijn omgeving, ook de twaalf, Hem vragen omtrent de gelijkenissen. Hij antwoordde hun: 'Aan u is het geheim van het Rijk Gods geschonken, maar zij die erbuiten staan, krijgen alles in gelijkenissen, opdat zij wel scherp kijken met hun ogen maar niet zien, en wel luisteren met hun oren maar niet verstaan, opdat zij zich niet zouden bekeren en vergiffenis krijgen.' En hij vervolgde: 'Begrijpt ge deze gelijkenis niet? Hoe zult ge dan alle gelijkenis­sen verstaan? De zaaier zaait het woord. Die op de weg ‑ waar het woord gezaaid wordt ‑ zijn de mensen bij wie, als zij het gehoord hebben, terstond de satan komt en het woord wegrooft dat gezaaid ligt in hun binnenste. Op dezelfde manier zijn zij die op de rotsachtige plekken gezaaid worden, de mensen die als zij het woord gehoord hebben, het terstond met blijdschap opnemen; maar zij hebben geen wortel geschoten, leven bij het ogenblik, en als zij omwille van het woord onderdrukt of vervolgd worden, komen zij onmidde­llijk ten val. Die tussen distels gezaaid worden, zijn weer anderen, die het woord wel gehoord hebben, maar wanneer de zorgen van de wereld, de begooche­ling van de rijkdom en de begeerten naar al het andere binnendringen, verstikken die het woord en zo blijft het zonder vrucht. De in de goede grond gezaaiden zijn de mensen die het woord horen, het in zich opnemen en vrucht dragen: dertig ‑, zestig ‑, en honderdvoudig.'

  • Woensdag 28 Januari : H. Caesarius van Arles
    on 27 januari 2026 at 21:42

    Broeders en zusters, er zijn twee soorten akkers, de ene is van God, de andere van de mens. Jij hebt jouw gebied, God heeft het Zijne. Jouw gebied is je aarde, het gebied van God is jouw ziel. Klopt het dat jij jouw gebied bewerkt en dat je die van God braak laat liggen? Als je je aarde bewerkt en je bewerkt niet je ziel, is dat omdat je jouw eigendom op orde wilt brengen en die van God braak wilt laten liggen? Klopt dat? Verdient God het dat we onze ziel, waar Hij zo van houdt, verwaarlozen? Jij bent vol vreugde als je ziet dat je eigen terrein goed bewerkt is, waarom huil je dan niet als je je ziel braak ziet liggen? De akkers van ons gebied laten ons enkele dagen in deze wereld leven; de zorg voor onze ziel zal ons eeuwig laten leven in de hemel… God was zo goed om ons onze ziel toe te vertrouwen als zijn gebied; laten we ons dus aan het werk zetten met al onze kracht en met zijn hulp, opdat op het moment dat Hij zijn gebied komt bezoeken, Hij het goed bewerkt zal vinden en volmaakt in orde. Dat Hij er een oogst mag vinden en geen doornstruiken, dat Hij er wijn vindt en geen azijn, graan maar geen onkruid. Als Hij er alles vindt wat Hem bevalt, zal Hij ons in ruil de eeuwige beloning geven, maar de doornstruiken zullen aan het vuur toevertrouwd worden.

  • Dinsdag 27 Januari : Uit het 2e boek Samuël 6,12-15.17-19.
    on 27 januari 2026 at 21:42

    Toen nu aan koning David bekend werd, dat Jahweh het huis van Obed-Edom, en alles wat van hem was, zegende terwille van de ark van God, trok David op, en bracht op feestelijke wijze de ark van God uit het huis van Obed-Edom naar de Davidstad over. Nadat de dragers van Jahweh's ark zes schreden gezet hadden, slachtte hij een stier en een mestkalf. Geestdriftig danste David voor Jahweh uit, slechts met een linnen borstkleed omhangen. En onder gejuich en hoorngeschal bracht David met heel het volk van Israël de ark van Jahweh over. Men bracht de ark van Jahweh binnen, en zette haar op haar plaats, midden in de tent, die David voor haar had gespannen. Daarna droeg David brand- en vredeoffers voor Jahweh op; en toen hij de brand- en vredeoffers had opgedragen, zegende hij het volk in de Naam van Jahweh der heirscharen. Tenslotte hield hij voor heel het volk, voor heel de menigte van Israël, een uitdeling; en allen, mannen als vrouwen, kregen een broodkoek, een stuk vlees en een druivenkoek. Toen ging heel het volk naar huis.