Lezingen van de Dag

DAGELIJKS EVANGELIE Ontvang iedere morgen de dagelijkse lezingen via email ! Katholieke, meertalige, gratis service.

  • Woensdag 15 April : Uit de Handelingen der apostelen 5,17-26.
    on 14 april 2026 at 21:33

    In die dagen werden de hogepriester en heel zijn aan­hang, die de partij der Sadduceeën vormden, met hevige afgunst vervuld. Zij grepen de apostelen en zetten hen in de stads­gevange­nis. Maar in de nacht ontsloot een engel des Heren de deuren van de gevangenis, leidde hen naar buiten en zei: 'Gaat, treedt weer op in de tempel en predikt aan het volk al deze woorden des Levens.' Zij gaven hieraan gehoor, gingen tegen de morgen naar de tempel en gaven er onderricht. Toen nu de hogepriester kwam met de zijnen, riepen zij het Sanhedrin, de raad der oudsten van het volk van Israel bijeen en stuurden dienaren naar de gevangenis om hen te halen. Maar bij aankomst vonden de dienaren hen niet meer in de kerker. Zij keerden terug met het bericht: 'Wij vonden de gevangenis stevig op slot en de wachten voor de deuren op hun post, maar toen wij opendeden troffen wij niemand aan.' Toen zij dit vernamen, werden de tempelcomman­dant en de hogepriesters ongerust en vroegen zich af wat voor gevolgen dit zou kunnen hebben. Maar iemand kwam hun melden: 'De mannen die gij in de kerker hebt gezet, bevinden zich in de tempel en onder­richten het volk.' Daarop ging de bevelhebber met zijn dienaren hen halen, maar zonder geweld te gebruiken, uit angst door het volk gestenigd te worden.

  • Woensdag 15 April : Psalmen 34(33),2-3.4-5.6-7.8-9.
    on 14 april 2026 at 21:33

    De Heer zal ik prijzen iedere dag, zijn lof ligt mij steeds op de lippen. Mijn geest is fier op de gunst van de Heer, laat elk die het hoort zich verheugen. Verheerlijkt de Heer te zamen met mij en laat ons eendrachtig zijn Naam vereren. Ik ging tot de Heer en Hij heeft mij verhoord, Hij heeft mij gered uit al wat ik vreesde. Verlaat u op Hem, dan wordt ge gelukkig, want Hij stelt u niet teleur. Die roepen in nood, naar hen luistert de Heer en redt hen uit hun ellende. De engel van God legt een schans om hen heen, om elk die God vreest te beschermen. Let op en bemerkt hoe genadig de Heer is, gelukkig is hij die zijn heil zoekt bij Hem.

  • Woensdag 15 April : Uit het heilig Evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Johannes 3,16-21.
    on 14 april 2026 at 21:33

    In die tijd zei Jezus tot Nikodemus: Zozeer immers heeft God de wereld liefgehad, dat Hij zijn eniggeboren Zoon heeft gegeven, opdat alwie in Hem gelooft niet verloren zal gaan, maar eeuwig leven zal hebben. God heeft zijn Zoon niet naar de wereld gezonden om de wereld te oordelen, maar opdat de wereld door Hem zou worden gered. Wie in Hem gelooft, wordt niet geoordeeld, maar wie niet gelooft, is al veroordeeld, omdat hij niet heeft geloofd in de Naam van de eniggeboren zoon van God. Hierin bestaat het oordeel: het licht is in de wereld gekomen, maar de mensen beminden de duisternis meer dan het licht, omdat hun daden slecht waren. Ieder die slecht handelt, heeft een afschuw van het licht en gaat niet naar het licht toe uit vrees dat zijn werken openbaar gemaakt worden. Maar wie de waarheid doet, gaat naar het licht, opdat van zijn daden moge blijken dat zij in God zijn gedaan.'

  • Woensdag 15 April : Z. Columba Marmion
    on 14 april 2026 at 21:33

    “Ik ben de waarheid” (Joh. 14,6). Krachtens onze natuurlijke toestand wandelen wij hier beneden in de duisternis (vgl. Luc. 1,79). Om ons tot God te verheffen, moeten wij op bovennatuurlijke wijze verlicht worden. Alleen Christus openbaart de religieuze waarheid; “Hij is het licht der wereld” (Joh. 8,12). Zijn onderricht neemt niet alle duisternis weg, maar stelt ons in staat Hem te erkennen als de Gezondene van de Vader en ons aan Hem te hechten als aan de hoogste en onfeilbare Waarheid. “De Heer is mijn licht” (Ps. 26,1). Het Evangelie brengt aan de wereld de openbaring van alle grote religieuze waarheden: die van de Drie-eenheid, van de menswording, van de verlossing, van het oordeel en het hiernamaals. Het onthult de mensen ook het mysterie van Gods vaderschap. Wanneer Jezus over God spreekt, stelt Hij Hem altijd voor als onze Vader: “Ik stijg op naar mijn Vader en uw Vader” (Joh. 20,17)! Het is een van de kenmerken van het Nieuwe Testament dat het ons heeft geleerd God onze Vader te noemen en ons tegenover Hem te gedragen als zijn kinderen (vgl. Mat. 6,9; Rom. 8,16). Met de openbaring van het goddelijk vaderschap maakt Jezus ons ook onze aanneming tot kinderen bekend, onze hemelse en gelukzalige bestemming, evenals alle houdingen van liefde en deugden die de christen eigen zijn. Laten wij deze leer uit zijn gezegende mond aannemen en beseffen dat zij voortkomt uit de Waarheid zelf; laten wij ons eraan hechten met een onwankelbaar geloof. Bovendien brengt Christus ons ook de waarheid door een genade van verlichting die geheel persoonlijk is voor onze ziel. Deze eigen verlichting is wezenlijk voor de groei van het leven van Christus in ons. (…) Wij moeten dus de wegen van dit aardse leven beschouwen in het licht van het geloof in Christus. Laten wij Hem als een goddelijke lamp in het midden van ons hart plaatsen. Laten wij onze gedachten, oordelen en verlangens neerleggen aan de voeten van Jezus, om de wereld, de mensen en de gebeurtenissen als het ware met zijn ogen te zien. Dan zullen wij de dingen van de tijd en die van de eeuwigheid naar hun ware waarde schatten.

  • Dinsdag 14 April : Uit de Handelingen der apostelen 4,32-37.
    on 14 april 2026 at 21:33

    De menigte die het geloof had aangenomen, was één van hart en één van ziel en er was niemand die iets van zijn bezittingen zijn eigendom noemde; integendeel zij bezaten alles gemeen­schappelijk. Met kracht en klem legden de apostelen getuigenis af van de verrijzenis van de Heer Jezus en rijke genade rustte op hen allen. Er was geen enkele noodlijdende onder hen, omdat allen die landerijen of huizen bezaten, deze verkochten en de opbrengst ervan meebrach­ten om aan de voeten van de apostelen neer te leggen. Aan ieder werd daarvan uitgedeeld naar zijn behoefte. Zo bezat Jozef, een leviet uit Cyprus, die van de apostelen de bijnaam Barnabas ‑ dit betekent: zoon van vertroosting ‑ had gekregen, een akker die hij verkocht en waarvan hij het geld meebracht om het aan de voeten van de apostelen neer te leggen.