ODE AAN DE “ST. VITUS”,
Tekst & muziek: 1992 Ton van der Meer
Refrein: Vitus, o Vitus, jij parel van Het Gooi Wij zien je al van verre staan, jij bent zo wondermooi. Vanwaar je komt: jij wijst de weg, jouw toren zien wij staan, en al jouw klokken galmen luid de weg die wij moeten gaan.
1 Jij staat daar fier verheven al meer dan honderd jaar te kijk voor alle mensen in’t Gooi en ver van daar. Jij roept de mensen samen, al zoveel jaren lang. Een stukje Gooise glorie: daarom een jubelzang: (refr.)
2 En als jij in het duister gehuld in floodlight staat dan ben jij voor ons allen een licht dat nooit vergaat. Een licht aan ons gegeven, het vuur in onze geest. Het is alsof, jij Vitus, er altijd bent geweest. (refr.)
3 De klokken in jouw toren, zij beieren ons toe in weer en wind en regen, zij worden nimmer moe. Van verre al te horen, wij horen’t luiden aan: de taal van al die klanken kan iedereen verstaan. (refr.)
4 Jij bent de mooiste Vitus, jij draagt die naam met eer. Bij feest en hoogtijdagen, jij bent er telkens weer. En moet jij het verduren dan blijven wij jou trouw. Jij Vitus moet het weten: wij houden veel van jou ! (refr.)
(tekst inclusief noten)
SINT VITUSLIED,
Tekst: Gabriël Smit Muziek: Ton van der Meer
Sint Vitus, jong vervolgd, veracht Om zijn geloof dat hem bezielde Met geestdrift en genadekracht Die zwijgend voor zijn beulen knielde En stand hield tegen overmacht Van zonde, afgunst, bitterhei. Zijn beeld schenkt ons standvastigheid.
Sint Vitus, die eerbieding, trouw De Vader liefhad die hem kwelde En die hem smeekte om berouw Hoe ook zijn valsheid hem ontstelde, Die hem blijmoedig dienen zou Na felle pijn en blinde nijd; Zijn beeld schenkt ons gehoorzaamheid.
Sint Vitus blij en onversaagd, Die leeuwen door zijn liefde temde En door het vuur vergeefs belaagd Gemarteld vast het kruis omklemde, Die Gods verheven teken draagt Van door gebed gewonnen strijd; Zijn voorspraak schenkt ons zaligheid.
|